8. Het ontstaan van het moderne gezin

Identificatie, het willen zijn als de ouder is de stuwende kracht bij het kind om volwassen te worden. Het is de positieve kant van de mimese van Girard.

In de ontwikkeling van de mens en dus ook het kind speelt de begeerte een stimulerende rol. Het geeft hem ambitie die te vervullen. Het niet vervullen geeft hem tekort-gevoelens. Dat kan zijn ontwikkeling belemmeren. Een leven zonder veel tekorten is voorwaarde voor een evenwichtige en gezonde groei. Bij het pasgeboren kind is dat maar al te duidelijk. De regelmaat waarin aan de fysiologische behoeftes van het kind wordt voldaan is een goede garantie voor een gezonde ontwikkeling naar de hoogste trap in de bevrediging: de zelfverwerkelijking.

Het pasgeboren kind heeft daarvoor liefde, eten, rust en ontspanning nodig. Later heeft het acceptatie en waardering nodig en een fase verder het gevoel dat het iemand is, die uiteindelijk een eigen weg mag gaan. Het gezin kan voor het kind deze condities vervullen. Dat is de intieme leefgemeenschap waarin hij zich kan ontwikkelen tot een harmonieus en ambitieus mens.


Onderwijsachterstanden

In principe wil het kind graag dat doen wat de ouder van hem verwacht. Een stimulerende houding van de ouder en het hebben van reële verwachtingen zijn nodig om het kind tot zelfrealisatie te brengen. Zo leert het kind in zijn jonge jaren spontaan (ook de ouder imiterend) zich te bewegen, te communiceren, samen te werken, conflicten te hanteren, voor zichzelf op te komen, zelf initiatieven te nemen, zelf te kiezen en zichzelf in spelen (en leren) – soms luidop met taal ondersteunend - te sturen. Deze sleutelcompetenties en de positieve feedback daarop van zijn ouders en anderen bevorderen zijn sociaal-emotioneel welbevinden.

In zijn gewekte nieuwsgierigheid rusten de ouders hem verder toe voor de wereld van het samen leven met spel en verhaal. Zo leert hij de regels en de gevoelens van succes en teleurstelling. In die omgang krijgt hij het gevoel dat hij als een individu wordt erkend: als een persoon die iemand wil zijn en wil worden.


Maar niet elk gezin vervult optimaal al deze condities. Het éne gezin benut meer mogelijkheden dan het andere. Dat maakt het verschil in gezinscultuur. Die verschillen in cultuur zijn er al bij de start van het kinderleven. Ze maken het éne

gezin kansarm en het andere kansrijk. Er zijn inspanningen van de Nederlandse overheid in het gemeentelijk onderwijsachterstanden-beleid (GOA) om deze verschillen weg te werken.


Opvoeding tot zelf-verantwoordelijke zelfbepaling

De sleutelvaardigheden die het kind thuis in de voorschoolse tijd leert hebben op het schoolsucces een grote invloed. Het zijn uitstekende condities voor het leren van lezen en de taal. Met die leesvaardigheid kan het kind een cumulatie aan verdere relevante competenties voor school en leven ontwikkelen. Het met veel plezier, spontaan en effectief leren, samen met anderen of alleen, binnen of buiten de school, is daarbij doel en gunstige conditie tegelijk. Leren dat nieuwsgierig maakt naar verder leren dat is een vaardigheid die de maatschappij tegenwoordig nodig heeft. Al deze sleutelvaardigheden zorgen dan voor een sociaal-emotioneel welbevinden van waaruit het spontane natuurlijke leren weer vanzelf ontstaat.

Deze vaardigheden en dit leren bepalen het uiteindelijke succes in opleiding en maatschappij.


In elke fase van zijn leven wil de jongere als een persoon, die zich kan ontwikkelen, gezien en behandeld worden. Hij wil de verantwoordelijkheid die bij zijn fase van ontwikkeling past. In zijn opvoeding leert hij aan welke grenzen en waarden verantwoordelijk gedrag moet voldoen. Die opvoeding brengt hem tot een volwassenheid, waarin hij zelf op moreel verantwoorde wijze kan handelen en zijn beslissingen kan nemen. Uiteindelijk is zijn opvoeding, opleiding en ontwikkeling succesvol als de jongere via school en beroep stuurman is geworden van zijn eigen leven. De pedagoog Langeveld noemde dat opvoeding tot zelf-verantwoordelijke zelfbepaling. Deze educatie is nodig om de Europese droom van het inclusieve denken te realiseren.


Opvoeding tot gehoorzaamheid

Ook het exclusieve denken van repressie heeft zijn opvoedingspatroon: de opvoeding tot gehoorzaamheid. De opvoeders van dit denken geloven niet in het zelfsturend vermogen van het volwassen wordende kind. In het systeem van de macht-dwang is er geen vertrouwen in het moreel verantwoordelijk oordeelsvermogen van de bijna volwassen jongere. Het kindbeeld van de ouder realiseert zichzelf. De jongere leert niet de eigen verantwoordelijkheid te dragen en blijft afhankelijk van de sturende interventies van ouderen. In de zuilaire en hiërarchische samenleving van voor de Tweede Wereldoorlog was opvoeding tot gehoorzaamheid bij een groot deel van de bevolking de garantie voor het voortbestaan van de zuilaire traditie. Kritisch en onder eigen verantwoordelijkheid denken en handelen konden tot inzichten leiden die niet pasten in de zuilen. Dat moest voorkomen worden. Voor het voortbestaan en de onveranderlijkheid van de samenleving was de opvoeding tot gehoorzaamheid de garantie.

Dit opvoeden tot gehoorzaamheid kan ook tot het absurde worden doorgevoerd in een repressief of dictatoriaal samenlevingssysteem. Dan hebben mensen geen eigen verantwoordelijkheid, want ‘regel is regel’, ‘wet is wet’ en ‘befehl ist befehl’. Het recht op zelfbeschikking van het individu en soms ook van bevolkingsgroepen, wordt dan opgeofferd aan het systeem van macht-dwang.

De jeugdrévolte van de zestiger jaren was de grote morele aanval op de grondvesten van deze op gehoorzaamheid gebaseerde repressieve samenleving. Het concept van ‘de opvoeding tot zelf-verantwoordelijke zelfbepaling’ in 1944 voor het eerst gepubliceerd en in de herdrukken tot 1964 herzien, behoorde pas na de zestiger-jaren-révolte tot de dan ontstane tijdgeest.

Natuurlijk ontstaan er in de opvoeding altijd wel momenten waarin de ouder van het kind gehoorzaamheid eist, maar het is altijd weer de opstap tot het uiteindelijke doel van de zelf-verantwoordelijke zelfbepaling.


Het ontstaan van de moderne samenleving

De wereld kenmerkt zich door grote verschillen in ontwikkeling. De rijke landen zijn al zo kapitaalintensief geïndustrialiseerd dat door automatisering en mechanisering de dienstensector meer werkgelegenheid biedt dan de industrie. Daartegenover zijn er misschien nog delen van de wereld (West Irian bijvoorbeeld) waar de cultuur ver in de binnenlanden, nog nauwelijks het stadium van de natuurmens in zijn territorium is ontstegen. In delen van Afrika leven nog nomadenvolken. In andere delen van Afrika hebben deze nomadenvolken om agrarische redenen zich net op een vaste verblijfplaats gevestigd. Veel landen van de Derde Wereld bevinden zich nog in de fase van de agrarische samenleving. Rondom veel grote steden in de Derde Wereld zijn de afgelopen decennia industriële (vooral arbeidsintensieve) bedrijven actief geworden. De jonge opkomende economieën staan voor de fase waarin ze zich in diverse regio’s opmaken voor de cultuuromslag naar de industriële samenleving. Die ontwikkelingen maken de verschillen in de wereld tussen de samenlevingsculturen.


Shorter maakt in “het ontstaan van het moderne gezin” duidelijk dat vroeg of laat samenlevingen worden gegrepen door de moderne cultuur, die samenhangt met het industrieel produceren.

Ook in Europa werden regio’s op verschillende momenten door de moderne ontwikkeling van de industrialisatie aangesproken. Zuid-Engeland veranderde twee eeuwen eerder door de moderne tijd dan het binnenland van Bretagne.

Zo zullen steeds meer regio’s in de wereld gegrepen worden door een industriële wijze van produceren, de moderne gezinscultuur en het moderne levensgevoel.


Het ontstaan van het moderne gezin

Zo  zijn ruim twee eeuwen geleden in Europa door industrialisatie en Verlichting de grondslagen voor de cultuur van het moderne gezin gelegd. Gezinnen kwamen los van hun traditionele economische functie en werden het domein van de emotionele relaties tussen man en vrouw en tussen ouders en kinderen. Het gezin werd het veilige eiland in de samenleving, een functie die voorheen de traditionele samenleving vervulde. Het gezin ging de emotionele ruimte voor liefde, empathie en zelfrealisatie vervullen. De rol van het kind veranderde. Het maakte geen deel meer uit van de volwassen wereld. De Verlichting geloofde dat via de opvoeding van het kind de wereld en de samenleving maakbaar werd. Het kind kreeg daardoor een eigen kinderwereld, een jeugdland, waarin het redelijk afgescheiden van de volwassen wereld, aandacht kreeg, een eigen rol mocht vervullen, zich mocht ontplooien en groot mocht worden.


Jeugdland

Nu twee eeuwen later heeft in onze complexe samenleving het kind dit pedagogisch klimaat hard nodig om de lange socialisatieweg naar participatie in de maatschappij te realiseren. Het krijgt daardoor de tijd om sleutelvaardigheden te ontwikkelen en een keus te maken uit de vele beroepen op de arbeidsmarkt. Onze moderne samenleving en ons modern levensgevoel van zelfverwerkelijking is op dit opvoedingspatroon gebaseerd. De 20e eeuw heeft velen, autochtonen maar ook migranten, binnen gevoerd in dit moderne levenspatroon. Migranten die deze aansluiting met dit moderne levensgevoel en de opvoedingscultuur maken, integreren probleemloos. Ze hebben in een pedagogisch klimaat samen met hun kinderen de knop in hun bewustzijn kunnen omzetten naar de moderne samenleving. In hun behoefte aan zelfverwerkelijking kunnen ze met medewerking van de samenleving een eigen toekomst uitstippelen.

De migranten die dat nog niet hebben kunnen doen, moeten met behulp van de samenleving die omslag naar zelfrealisering en zelfsturing nog maken. Het kan zijn dat hun traditioneel levensgevoel en hun culturele opvattingen die omslag blokkeren. Hun gebrek aan maatschappelijke participatie creëert dan een maatschappelijk tekort, waaraan met inburgering en verdere scholing gewerkt moet worden.


Repressie in de gezinscultuur

Er blijven Europeanen in de traditionele gezinscultuur, die de cultuuromslag naar het moderne gezin niet kunnen maken. De vrouw leeft nog onder de sturing van de man. De kinderen hebben nog niet een opvoeding tot zelf-verantwoordelijke zelfbepaling meegekregen. De jongeren zijn nog gewend aan een cultuur met repressie en gehoorzaamheid. Uit eigen vrije wil gemotiveerd zijn tot verantwoordelijk gedrag behoort nog niet tot hun cultuur. Wenselijk gedrag moet worden afgedwongen door een gezag met macht en repressieve dwang. Een maatschappij die deze repressieve cultuur niet vertoont is in hun ogen een slappe samenleving. Traditionele radicalen zijn in onze cultuur alleen bereid in het gareel te blijven onder een repressief regiem.

De repressie in de traditionele gezinscultuur bevordert niet de mondigheid en verantwoordelijkheid die de Europese samenleving voor de eigen missie nodig heeft.


Hoe de repressie in de gezinscultuur tot geweld kan leiden, laat Dimitri Sjostakovitsj zien in zijn in 1932 gecomponeerde opera Lady Macbeth van Mtsensk. Het libretto is naar een verhaal van Leskov en speelt zich af in het Rusland van vóór de revolutie.


Katerina de mooie, intelligente en gevoelige vrouw van de saaie koopman Zinovi, voelt zich gekooid in het huwelijk. Een bedrijf als basis voor de huwelijksband, voelt als een lege huls. Voor haar is het huwelijk een liefdesband waarin de vervulling van de seksuele begeerte een belangrijke basis is voor de relatie. Zinovi voelt dat anders. Hij zit met lijf en leden in de traditionele cultuur. Hij heeft zijn vrouw om te zorgen voor erfgenamen. Dat is van economisch belang voor het bedrijf. Het huwelijk is een zakelijke relatie waarin de man de regie voert. Zinovi voert die niet zelf, want hij is vaak weg voor zaken. Zijn vader Boris houdt het bedrijf met de arbeiders in de gaten. Ook Katerina voelt dagelijks het keurslijf van de controle van haar schoonvader Boris.


De arbeiders zijn net zoals vele andere mannen. Ze beschouwen vrouwen zo gauw ze binnen hun territorium verschijnen, als hun bezit,. Dat ondervindt kokkin Aksinja die op de werkvloer de arbeiders niet meer van het lijf kan houden.

Katerina die dat toevallig ziet komt verontwaardigd tussenbeide. Sergej, de knappe arbeider, die net is aangenomen staat tegenover haar. Hij is dus niet anders dan alle andere mannen en Katerina veegt hem de mantel uit. Hij reageert flirtend en daagt haar uit tot een worstelpartij. Katerina gaat er op in, maar tijdens de worstelpartij komt Boris eraan. Zij helpt Sergej tegenover Boris met een smoes uit de problemen.

Sergej ervaart dat als ruimte om Katerina ‘s avonds avances te maken. Katerina geeft zich aan hem over en voelt het als een vervulling van haar verlangen en een weg om uit de kooi van  het huwelijk te ontsnappen.

Boris betrapt Sergej bij het verlaten van Katerina’s kamer. Hij roept alarm en met hulp van anderen ranselt hij Sergej geheel stuk en laat hem opsluiten. Katerina moet machteloos toezien. Boris denkt haar zo in zijn macht te hebben en dwingt haar eten voor hem klaar te maken. Zij doet dat maar vergiftigt hem; ze wil uit de kooi van het huwelijk. De man wordt de volgende ochtend stervende gevonden.


Katerina heeft nu de sleutels en ze voelt dat met Sergej haar verlangen vervuld kan worden. Ze kan Sergej bevrijden en daarmee haarzelf uit de kooi en dan met Sergej verder door het leven gaan. Als Zinovi thuiskomt en van de ontrouw en de dood van Boris hoort, ranselt hij Katerina met een riem af. Sergej hoort haar geschreeuw en komt haar te hulp. Katerina wil niet weer de kooi in en wurgt Zinovi en verbergt het lijk.  


Op het bruiloftsfeest van Katerina en Sergej wordt het lijk van Zinovi ontdekt. Katerina en Sergej worden gearresteerd en met andere dwangarbeiders naar een strafkamp gedeporteerd. Sergej laat tijdens het transport zijn ware aard zien en laat Katerina vallen als een baksteen en versiert een jongere Sonjetka. Katerina is zwaar teleurgesteld in haar liefde en voelt zich nu door iedereen verlaten. In leedvermaak sarren de medegevangenen haar in haar liefdesverdriet. Ook Sonjetka doet daaraan mee. Op dat moment passeren ze een rivier. Katerina duwt haar erin en springt haar achterna. Samen verdrinken ze in het ijskoude water.


Sjostakovitsj laat in de opera de liefdesscènes zien en ondersteunt dat met de muziek. Hij verwachtte lof toen zijn opera in 1936 in het Bolsjoj Theater in Moskou werd opgevoerd. Twee jaar lang al vierde de opera triomfen. De grote leider Stalin was met een delegatie hoge partijofficials ook aanwezig. Een aantal weken daarvoor had Stalin hem nog met zijn werk gecomplimenteerd. Maar bij deze opera stapt Stalin voor het einde op en mompelt: “Dit is chaos en geen muziek”. Deze woorden stonden een paar dagen later als kop boven een anoniem en vernietigend artikel in de Pravda. De krant karakteriseerde de opera door de liefdesscènes als ‘grof, vulgair, primitief en neurotisch’. Het artikel werd het begin van een culturele omslag in de Sovjet Unie. Sjostakovitsj kon geen goed meer doen. Een populair ballet van hem werd ook afgekraakt. Hij liet zijn plan varen om in opera’s een vierluik te maken over de positie van de vrouw in historisch perspectief. Hij viel in ongenade. Hij moest ervaren dat met het laten zien van de repressie in de gezinscultuur hij de repressie van de sovjetdictatuur uitlokte.


Het gevaar van geweld

Ook de radicaal traditionele krachten in de Islam reageren soms door een cartoon met gewelddadig optreden. Het gevaar is, dat er tegen dit agressieve Islam-fundamentalisme er een agressieve autochtone tegenbeweging ontstaat die teruggrijpt naar oude methoden van intolerantie. Dat is niet de droom van het inclusieve denken. Er zijn telkens politici die de Europese burger willen laten geloven dat ze zich moet laten leiden door een sterke man die de repressie niet schuwt en die de politieke cultuur van de zachte krachten wel eens zal veranderen. De Europese burger staat daarin voor een keus: geloven in de Europese droom van het inclusieve denken of geloven in het doemscenario van de confrontatie en de agressie.


Duurzame verandering komt van burgers, die geloven in het samen behartigen van de belangen van elkaar in onze democratie en rechtstaat en die bereid zijn andere burgers daarvan niet uit te sluiten. Die bereidheid moet de gewelddadige ander veranderen. Het offensief van de zachte krachten moet ‘vurige kolen op zijn hoofd stapelen.’ Dat is de kans van de repressieve ander om zonder dwang een cultuuromslag te maken.


Geraadpleegde literatuur


Dame, Joke. Lady Macbeth van Mtsensk – liefde, een misdaad waard. Uit: ODEON, Tijdschrift van De Nederlandse Opera, juni 2006.


Dasberg, Lea). Grootbrengen door kleinhouden. Meppel, Boom 1975


Langeveld, M.J Beknopte Theoretische Pedagogiek. Groningen, Wolters, 1965.


Meulen, Janneke van der. Korte inhoud Lady Macbeth van Mtsensk van Sjostakovitsj. Uit: Het programmaboekje van De Nederlandse Opera, juni 2006.


Shorter, Edward). De wording van het moderne gezin. Baarn, AMBO, 1975.